Zinprofiel recent
-

Christa Anbeek - Enige tijd geleden woonde ik een doopdienst bij in Vrijburg te Amsterdam. Norah, een meisje van een maand of vijf werd gedoopt. Haar vader is een Soefi. Een vriend van hem, die ook voorganger van een Soefigemeenschap is, hield een kleine toespraak. Hij vertelde dat hij, toen hij de kleine Norah voor het eerst op schoot had, een spreuk in haar oor gefluisterd heeft. Het was een wens over vrede en vreugde in haar hart.
-

Waar is Siddhi? Dat vroeg ik mij af na het verlies van mijn hond. Tot ik antwoord kreeg en wist waar ze was: in mijn geest en niet alleen in mijn herinnering, waarop ik zei: ‘Siddhi is in mijn geest. Voor nu en voor altijd.’ Het leek of heel even de sluier werd opgelicht en mij een blik vergund was op de oneindigheid. Maar wat meende ik toen gezien te hebben? Een zo overrompelend vergezicht dat het te mooi was om waar te zijn?
-

De hoofddoek doet veel stof opwaaien. Voor de een is het een symbool van onderdrukking en moet het dragen ervan verboden worden. Voor de ander staat juist het verbod op de hoofddoek symbool voor onderdrukking en moet iedere vrouw zich volgens haar eigen overtuiging kunnen kleden. Daarmee is de hoofddoek het meest beladen kledingstuk. Maar wat weten we werkelijk van de hoofddoek en hun draagsters? En kun je wel spreken van dé hoofddoek of gaat er een rijkgeschakeerde wereld achter schuil?
-

De sporen van het begrip sociaal kapitaal zijn terug te volgen tot het begin van de twintigste eeuw (bij de filosoof John Dewey bijvoorbeeld), maar het speelt geen rol in de grote debatten en bij de grote denkers. Tot een jaar of twintig geleden. Toen kwam de term in trek onder sociale wetenschappers, via de sociologen Pierre Bourdieu en James Coleman, maar vooral de Amerikaanse politicoloog Robert Putnam en zijn boek Making democracy work (1993). Putnam heeft het begrip als geen ander populair gemaakt en in hoge mate bijgedragen aan de politieke belangstelling ervoor.
-

'De atheïst gelooft dat God niet bestaat, wat evenzeer een overtuiging is, en waarvoor de atheïst dus ook argumenten zal moeten geven.’ Dat stelt filosoof Emanuel Rutten op 10 mei in zijn artikel Pariteit, in het blog Wijsgerige Reflecties. Rutten beweert hierin dat de atheïst in een argumentatief debat over het bestaan van God niet eenzijdig de bewijslast bij de theïst kan leggen.
