"Een ritueel is een samengebald gevoel"

Deel twee van een interview met Christiane Berkvens-Stevelinck, overgenomen uit VolZin.

Tekst: Lisette Thooft

"Is een ritueel een symbolische handeling die het materiële met het geestelijke verbindt?
Dat is een te enge definitie. Het is niet zo dat een ritueel per se een religieus karakter heeft. Een ritueel is een samengebald gevoel dat je een vorm geeft in een symbool of een gebaar, en dat de betekenis van een bepaald moment in het leven aangeeft. Door het ritueel beleef je die betekenis.”

Beleven mensen dat ook? Je hoort toch vaak dat een trouwdag als in een roes voorbijgaat.
Dat is precies de reden waarom de mensen hier komen voor een ritueel. Ze willen een rustpunt om bij zichzelf te kunnen komen. Naarmate dat soort dagen steeds hectischer worden, het hele leven steeds hectischer wordt, groeit die behoefte. De laatste twee, drie jaar komen mensen hier binnen en zeggen: die ceremonie zal wel goed gaan, maar kunnen we eigenlijk eens goed met elkaar praten? Daar hebben we normaal de tijd niet voor. En voor je het weet, ben je gewoon huwelijksvoorbereiding aan het doen: wat is een gelofte, wat is liefde, wat is trouw? Hoe staan wij daar allebei tegenover? Puur pastoraal werk. Dat is ook de reden waarom de opleiding tot ritueelbegeleider op dat gebied heel sterk moet zijn.”

Waarom trouwen mensen eigenlijk nog tegenwoordig?
Dat is ook mijn eerste vraag. Gefeliciteerd, maar waarom? Dat levert heel leuke gesprekken op en qua spirituele diepgang zie ik geen enkel verschil tussen kerkelijk huwelijk, niet-kerkelijk huwelijk, geen God noemen of wel, hetero’s en homo’s, dat maakt überhaupt geen verschil… Alleen dat kerkelijke element willen ze niet. Want dat zet ze in een keurslijf waar ze niet in willen. Ze maken een definitieve keuze, ook voor de spiritualiteit van de ander, en vragen zich af hoe ze daaraan kunnen bijdragen. Ik vind deze mensen heel bewust, ik krijg ze in alle maten en soorten maar zeer zelden is er géén spiritualiteit.”

Maar kun je een ritueel nieuw verzinnen?
Je maakt het op maat. En daar komen de instrumenten aan te pas. Ik had een stel van wie hij baha’i was en zij vrijgemaakt gereformeerd. Ze wilden niets beloven, geen kant-en-klare dingen. We zaten op het strand en zij zaten in een getekende cirkel. Ze staken stokjes aan in een vuur, gaven die aan elkaar en terug aan het vuur, als symbool om te zeggen: het vuur is er niet voor ons alleen, het is er voor iedereen. Daarna gingen ze bij de branding vogels voeren, een soort pacifistich-ecologisch element. Zo’n ritueel is heel simpel, deze mensen voerden het met z’n tweeën uit. In de families lag het huwelijk moeilijk. Maar ik doe ook rituelen in grote gezelschappen. Wat ik wil zeggen, is: de rituelen moeten eenvoudig zijn en onmiddellijk verstaanbaar.
Soms weiger ik een verzoek, zoals het stel dat in een Egyptisch gekostumeerd feest wilde trouwen en mij verzocht hen als farao verkleed te trouwen. Dat vond ik een komedie-act. Ik heb maar twee keer geweigerd – de andere keer was er een stel dat wilde dat ik hen trouwde in een safaritent in Kenia. Ik dacht hallo, in zwart Afrika waar de mensen van honger omkomen, ga je niet zo trouwen. Daarna mailden ze: weet u niet een missionaris in de buurt die het kan doen?”

Alle ritueel is toch toneel?
Natuurlijk, alle ritueel is ook theater. Maar met mensenkennis kun je vaststellen of mensen serieus zijn. Ik heb ook wel huwelijken gehad waarvan ik dacht: ik weet nog niet zo net of dit geen schijnhuwelijk is. De ceremonie moet dienen om de omgeving te overtuigen. Die heb ik wel eens meegemaakt, maar ik had er geen goed gevoel bij. Je kunt je makkelijk vergissen.”

Zijn die nieuwe rituelen wel voldoende ingebed, hebben ze genoeg gewicht, om serieus genomen te worden?
De inbedding zit niet in een kerkelijke gemeenschap; daar vragen mensen niet naar. Dat beperkt hun vrijheid. Het gaat om een incidentele gebeurtenis die eenmalig plaatsvindt in een leven. Mensen willen op de belangrijke momenten van hun leven iets belangrijks neerzetten, een baken voor zichzelf en voor de anderen. Om dat 'wilde rituelen’ te noemen, zoals men in de kerk wel eens doet, is kortzichtig. En het is onzin om bang te zijn voor de toekomst wat die zogenaamde wilde rituelen betreft. Waar het naar toe zal gaan – dat zien we wel. Dat hoort bij onze vrijheid.”

Wordt het niet snel cliché? Ballonnen oplaten enzo…
Ik ben er tegen om dat een cliché te noemen. Witte ballonnen oplaten is een prachtig iets. Als ik een kind begraaf, vind ik dat het oplaten van ballonnen hout snijdt. Een leven dat niet afgerond is, is weg, onschuld verdwijnt – zoals een witte ballon die de lucht in gaat. Dat wordt ook zo gevoeld. Als het werkt, is het goed. Teddyberen bijvoorbeeld. Waarom zou je die cliché noemen? Mensen willen daarmee een knuffel geven. Je kunt zeggen dat het je stijl niet is, maar als het gevoel oprecht is, waarom zou je dat bekritiseren? Applaudisseren als er een begrafenisstoet langskomt – het heeft zeggingskracht, het zegt: dit was een toffe peer. Dat kun je cliché noemen, maar dan is een kruisje slaan ook cliché.”

Christiane Berkvens-Stevelinck werd in 1946 geboren in Brussel en groeide op in een Franstalig en rooms-katholiek gezin. In 1970 kwam ze naar Nederland, waar ze in 1985 remonstrants predikant werd. Nu is ze academiepredikant van de universiteit Leiden en tevens verbonden aan een remonstrantse gemeente in Breda. Aan de Radboud Universiteit Nijmegen bekleedt ze als bijzonder hoogleraar de Keizer Karelleerstoel voor Europese cultuur. Zij heeft daarnaast een bedrijfje, MoederOverste.nl, waarin ze rituelen aanbiedt voor bijzondere gelegenheden. Christiane Berkvens heeft twee volwassen zoons.


Prof. dr. Christiane Berkvens - Stevelinck is hoogleraar Europese Cultuur aan de Radboud Universiteit van Nijmegen, remonstrants predikant in Rotterdam en ritueelbegeleider www.moederoverste.nl