Oliebol
Mijn moeder was vroeger een geweldige oliebollenbakster. Misschien is ze het nog steeds, maar nu begint ze er niet meer aan. De laatste huisgemaakte oliebollen werden genuttigd toen het laatste thuiswonende kind de deur uit ging, lang geleden.
Ze waren klein, compact, en vol rozijnen, krenten en sukade. Er zaten ook allerlei rare uitstulpsels aan, die waren lekker bros, en je kon ze stiekem afbreken als je geen hele meer mocht. De bollen gingen na het bakken en afkoelen in een grote sloop, en de laatste, een paar dagen na nieuwjaar, waren zo keihard geworden dat mensen met een vals gebit (die had toen zo ongeveer iedereen boven de veertig in mijn omgeving) er beter niet meer aan konden beginnen.
Na het bakken begon het schoonmaken. Alles zat onder het vet, deeg, uitstulpsels die losgeraakt waren en aan onze grijpgrage handen waren ontsnapt – en niet te vergeten een heel vieze braadpan en deegpan. We hielpen allemaal, want het was ouwejaar, er was haast bij. Oliebollen bakken duurt altijd langer dan je denkt, en om zeven uur moesten we gelucht en ontvet klaar staan om naar de kerk te gaan. Dat luchten gebeurde niet altijd even grondig, en dat gold duidelijk niet alleen voor ons gezin: in de kerk walmde de oliebollenlucht je tegemoet. Lekker.
Tegenwoordig eet ik nog zelden een oliebol, waar je, zoals mijn moeder misprijzend zegt ‘van de ene naar de andere rozijn moet fietsen’… Maar we komen wel weer bij elkaar. Oude herinneringen ophalen en dankbaar zijn voor al die jaren. Ze waren niet altijd gemakkelijk, maar het waren gezegende jaren, allemaal.
Rini Rikkert is predikant in de VVP-gemeente Alblasserwaard www.rinirikkert.nl
Gerelateerd thema
Er zijn geen gerelateerde artikelen in dit thema
Rini Rikkert
- 19 mei 2012
- 30 april 2012
- 28 april 2012
- 16 april 2012
- 16 april 2012


Reacties
Reageren