Thuisblijverspreek - Piet van Die

Piet van Die29 april, 2012 - 10:00

De 'thuisblijverspreek' is deze keer van Piet van Die. Alle thuisblijverspreken worden gearchiveerd in een map onder deze naam. De vorige preken vindt u ook als u naar de onderzijde van deze pagina doorscrollt.


AANDACHT VOOR JE PR

De mens is een relationeel wezen. Maar tegelijk zijn onze relaties vaak een bron van kortsluitingen en een poel van schuldgevoel en wrevel. Zou Jezus met zijn ‘Heb uw naaste lief als uzelf’ daar iets voor kunnen betekenen?

Heb uw naaste lief als uzelf (Marcus 12,31)
Relationele wezens
Wij leven in een ik-tijdperk, wordt wel beweerd. Onze samenleving wordt gekenmerkt door individualisme. Maar is dat ook zo? Het wordt zo vaak geroeptoeterd dat je het ook gaat geloven en elkaar gaat napraten. Daarom mag het omgekeerde weleens benadrukt worden: geen mens kan en wil zonder medemens. Wij zijn relationele wezens, gebouwd op de omgang met de ander. Sterker, wij worden pas onszelf dóór en áán de ander. Kijk maar naar een pasgeboren kind: het leert gaandeweg zijn eigen ik-je kennen doordat het aangesproken wordt door de ander, in dit geval de ouder of verzorger. En zo blijft dat een levenlang. Waar zou het ‘ik’ zijn zonder een ‘jij’?

De meeste zielenpijn die een mens in het leven kan opdoen, heeft dan ook direct te maken met relaties. Liedjes op de radio zingen in een nooit onderbroken stroom van verloren liefdes, op bedrijven raken een werknemers burn-out door verstoorde arbeidsrelaties, en als iemand die ons dierbaar is verhuist zeggen we met de Fransen: partir, c’est mourir un peu – afscheid nemen is een beetje sterven. En over sterven gesproken: voor de meeste mensen die afscheid moeten nemen van het leven, is de grootste angst niet het moment van sterven zelf, maar: het definitief moeten loslaten van hen die zij liefhebben. Daarmee moet je ook afscheid nemen van jezelf. Een groter eenzaamheid is er niet.

Spanningen
Wel, ik heb mijn punt gemaakt, denk ik: de mens is een door en door relationeel wezen. Niks individualistisch. Maar tegelijk zijn onze relaties wel vaak een bron van kortsluitingen en een poel van schuldgevoel of wrevel. Je hebt misschien het idee dat je al snel tekort schiet ten opzichte van de ander. Of de ander geeft jou het gevoel dat je tekort schiet ten opzichte van hem. Of jij bent van mening dat de ander juist jou tekort doet. En soms speelt dat alles ook nog eens dwars door elkaar heen. Ingewikkeld! En het wordt alleen maar ingewikkelder en heftiger naarmate het de mensen betreft die jou het meest na staan. Ik doel natuurlijk op je gezins- en familieleden.

Het is misschien gek gezegd maar: als predikant merkje dat het vaakst bij de voorbesprekingen van uitvaarten. Daar worden we regelmatig geconfronteerd met gespannen gezins- of familieverhoudingen. Broers en zussen blijken al lang niet meer samen door één deur te kunnen. Of een van de kinderen ontbreekt: er is al tijden geen contact meer – iets waaraan de nu overleden vader of moeder jaren heeft geleden. ‘Aan wie heeft dat gelegen?’ vraag je je dan af. Pas op: denk niet altijd meteen aan de kinderen. Dat ouderen met het klimmen der jaren altijd wijzer en milder worden, is een mythe. Hoe dan ook, er zit pijn, soms zelfs wrok. Dergelijke verstoringen in de relaties hebben altijd te maken met asymmetrie. Er is iets uit het verband geraakt. Verwachtingen en realiteit kwamen niet overeen of botsten zelfs. Asymmetrie, de wanverhouding tussen verwachtingen enerzijds en de realiteit anderzijds, kan huwelijken, gezinnen en families volledig ontwrichten.

…als uzelf
Zou Jezus met zijn ‘Heb uw naaste lief als uzelf’ ons daarbij verder kunnen helpen? Waarschijnlijk wel. Al was het alleen al omdat hij niet zei: ‘Heb uw naaste lief meer dan uzelf.’ Veel mensen denken nog steeds dat Jezus bedoelde dat wij ons volledig moeten wegcijferen ter wille van de ander. Maar dat vraagt Jezus niet van ons. Dat leidt nu juist ook tot die genoemde scheefgroei. Waar mensen zich volledig wegcijferen, wordt er al snel misbruik van hen gemaakt. Dat dreigt bijvoorbeeld in de verpleeghuiszorg. Er worden plannen gesmeed om verpleeghuizen te verplichten de zorg door mantelzorgers en vrijwilligers in hun beleidsplannen op te nemen. Verpleeghuisarts Bert Keizer ontmaskerde dat terecht als een regelrechte bezuinigingsmaatregel die van mantelzorgers vraagt wat ver boven hun macht gaat. Maar ik weet zeker dat, als het zover komt, er mantelzorgers te vinden zijn die het zullen doen. Het zijn de goedwillenden - vaak ook mensen uit christelijke kring, die menen dat het van hen gevraagd wordt. Maar Jezus zei niet: ‘Heb je naaste lief ten koste van jezelf.’ Ook aan meeleven zit een grens.
Jezus zei trouwens ook niet het tegenovergestelde: ‘Heb eerst jezelf lief, want dan pas kun je houden van een ander.’ Dat is pseudo-therapeutische prietpraat. De schrijfster Connie Palmen zei daarover: ‘Het is rabiate nonsens. Je moet van iemand anders houden en iemand anders moet van jou houden, dat moet je niet ook nog eens zelf hoeven doen, dat is onmogelijk. Wie houdt er nu van zichzelf zonder door een ander bemind te worden?’ (uit: ‘De Wetten’). Precies, Connie. Het ging ook Jezus om wederkerigheid. Hou van de ander zoals jij zou willen dat er van jou gehouden wordt. Dat vraagt niet allereerst zelfliefde, maar zelfkennis.

Zelfkennis
Toch ontbreekt het ons vaak aan die zelfkennis. Bij de psycholoog René Diekstra vond ik het volgende verhaaltje onder de titel ‘Relaties zijn spiegels’:
Op een dag vond een man een spiegel langs de kant van de weg. Hij had er nog nooit een gezien en waarschijnlijk had een reiziger hem onderweg verloren. De man keek in de spiegel en zei: ‘Mijn god, dat is mijn vader! Die ouwe bedrieger had dus een foto van zichzelf. Dat heeft hij mooi voor ons verborgen gehouden.’ De man nam de spiegel mee naar huis, maar liet hem niet aan zijn vrouw zien, want het minste of geringste was genoeg om woorden met haar te krijgen. Dus ging hij de spiegel meteen verstoppen. Zijn vrouw had meteen in de gaten dat hij iets in zijn schild voerde en toen hij het huis verliet, ging zij op zoek. Omdat geen man iets verbergen kan wat zijn vrouw niet vinden kan, vond ze het voorwerp in een doos onder zijn kleren. Ze keek in de spiegel en zei: ‘Mijn god, en dat op zijn leeftijd! Rotzooit hij met nog iemand anders. En nog wel met zo’n oude vrouw, walgelijk!’ (uit: ‘Als leven pijn doet’)

De boodschap van het verhaal is duidelijk: wij bekritiseren vaak de ander zonder in de gaten te hebben dat wij het ook over onszelf hebben. Zoals kinderen zeggen: ‘Wat je zegt, dat ben jezelf.’ Dat valt maar op één manier te doorbreken - met wat ik noem: een liefde-ondanks.
Er is een liefde-omdat en een liefde-ondanks. Je houdt van een ander omdat hij zo lief is, omdat zij zo’n prachtig gezicht heeft, omdat je kind je kind is, omdat…nou ja, vul maar in. Een liefde-omdat is een liefde die gegrond is op wat een ander is, op een tegoed, zou je kunnen zeggen. Geen liefde zonder liefde-omdat. Maar je redt het er op den duur niet mee. Want geen mens is perfect. Die lieve man is bij tijd en wijlen ook erg laks, en die schat van een vrouw kan af en toe behoorlijk dwingend zijn. En dat kind? Ach, laten we het er maar op houden dat tijdens de opvoeding de zeeën wel erg hoog kunnen gaan. Aan ieder zit een kant die je niet kunt liefhebben met een liefde-omdat. Maar je kunt ook niet van een half persoon houden. Je hebt lief of niet. Daarom heb je een liefde-ondanks nodig. Je houdt van de ander ondanks zijn laksheid, ondanks haar controledwang, ondanks de buien van je kind.

Waar het mij nu om gaat is dit: zo’n liefde-ondanks is alleen op te brengen als je ook je eigen tekorten kent, als je echt in de spiegel hebt gekeken. Zelfkennis is voorwaarde voor een volwassen liefde. Naar de mate waarin je je eigen tekorten kent, kun je ook de ander aanvaarden. Ik denk dat Jezus dat ten diepste bedoelde met: ‘Heb je naaste lief als jezelf.’

Een brug
En toch wil dat nog niet zeggen dat, als je die bereidheid hebt, het altijd lukt. Een relatie opbouwen of onderhouden is als het bouwen van een brug. Dat kan alleen van twee kanten. Als jij van jouw kant bouwt aan zo’n brug naar de ander, maar de ander doet dat van zijn kant niet, dan komt er een kritisch punt waarop de brug, bij gebrek aan een steunpunt op de andere oever, instort. Dat kan overigens ook gebeuren als de ander van zijn kant wél bouwt, maar niet op hetzelfde punt als jij: hij bouwt langs je heen. In beide gevallen kom je elkaar dan niet tegemoet en komt het niet tot een ontmoeting. Wat dan? Dan is er geen ‘wat dan’ meer. Daarom slijten mensen ook het hardst aan elkaar. Je kunt alleen maar hopen dat het tijdelijk is, dat het tij eens keert. Paulus schreef: ‘Stel, voor zover het in uw macht ligt, alles in het werk om met alle mensen in vrede te leven.’ Een mooie zin met een hoog realiteitsgehalte: voor zover het in uw macht ligt – meer kun je niet doen. Als de ander dat niet ook doet, ben je machteloos. Maar we kunnen elkaar er wel toe blijven oproepen. Elk mens moet aandacht hebben voor zijn PR. PR – het staat voor Public Relations. Maar ik denk aan: aandacht voor je Persoonlijke Relaties. Daarom laat ik bij geen enkele uitvaart na om ook te bidden dat wij, achterblijvenden in het land der levenden, zuinig op elkaar zullen zijn, en hand in hand verder zullen gaan, wetend dat de tijd kort is en elk mens kwetsbaar en kostbaar.


Piet van Die is reiziger tussen kerk en cultuur. Hij leest en schrijft graag over poëzie in de religie en religie in de poëzie. Hij werkt als predikant in en vanuit ‘De Morgenster’ (PKN) in Papendrecht. Zijn website: www.pietvandie.nl

Reacties

"de mens is een relationeel

"de mens is een relationeel wezen". Helemaal mee eens. Maar zou het daarom zo zijn, dat zoveel mensen vereenzamen, omdat ze niemand hebben die naar ze omziet? Omdat we zo druk bezig zijn met onszelf, ons eigen indivu, dat we minder oog hebben voor de ander. Dan zijn we toch aan het individualiseren. Overigens, hoe vaak haasten mensen zich niet om die uitspraak van Jezus, over je naaste liefhebben als jezelf, te relativeren. Je hoeft jezelf niet weg te cijferen, of, er is een grens aan meeleven. Zou die relativering ook niet te maken hebben met onze individualisering. Alleen al omdat we niet minder willen zijn dan de ander. Trouwens, hoever ging Jezus voor ons? Je begrijpt, het ontkennen van de individualisering van onze samenleving, vind ik ten onrechte. 

Reageren

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
By submitting this form, you accept the Mollom privacy policy.