Thuisblijverspreek - Margje Vlijm 'Aanvaarden'

28 mei, 2012 - 10:00

De oproep voor een thuisblijverspreek tijdens Pinksteren vond goed gehoor op Zinweb. Daarom deze feestdagen niet één thuisblijverspreek, maar twee.  Vandaag daarom een tweede thuisblijverspreek van Margje Vlijm.

Bijbellezing: Ruth 1: 16-22 en Ruth 4: 1-17 

Vandaag gaat het over AANVAARDEN

Een moeilijk woord, met meerdere kanten.

Een opgave misschien,maar ook een gave, die om onze overgave vraagt.

Aanvaarden gaat over ons vertrouwen in de onvoorwaardelijke liefde van God

voor ieder van ons, opdat wij onze levensweg, die wij slechts ten dele zelf kunnen bepalen, samen met Hem gaan.

Dag Hammarskjöld schreef in een meditatie over de LEVENSWEG:

Vele wegen kent het leven, maar van al die wegen

is er één die jij te gaan hebt.

Die ene is voor jou. Die ene slechts.

En of je wilt of niet, die weg heb jij te gaan.

De keuze is dus niet de weg, want die koos jou.

De keuze is de wijze hoe die weg te gaan.

Met onwil om de kuilen en de stenen,

met verzet omdat de zon een weg

die door ravijnen gaat, haast niet bereiken kan.

Of met de wil om aan het einde van die weg

milder te zijn, en wijzer, dan aan het begin.

De weg koos jou, kies jij ook hem?

Zusters en broeders,

Aanvaarden, je aanvaard voelen is a.h.w. de zuurstof, de adem van ons leven. We kunnen niet leven zonder het besef dat we als mens aanvaard worden zoals we zijn. Maar ook dat we onszelf aanvaarden en elkaar.

Er gebeuren dingen in ons leven die we heel moeilijk vinden om te leren aanvaarden. Tegenslagen, ziekte, het verlies van een dierbare, de tekortkomingen van onszelf en van de ander. En tenslotte worden we ermee geconfronteerd, dat we zelf zullen sterven.
Hoe gaan we daarmee om? Is het mogelijk om de moeilijke kanten van ons leven, te leren aanvaarden? En welke rol speelt ons geloof daarin? Wat doet het met ons dat wij aanvaard worden door God zoals we zijn?

Aanvaarden hangt samen met de altijd durende zoektocht naar onszelf, naar de ander, naar de bestemming en de zin van ons leven, met onze zoektocht naar God. Het is een proces, waar je het eindpunt niet van ziet.

Maar kunnen en moeten we zomaar alles aanvaarden? Aanvaarden gaat meestal gepaard met verzet, anders zou het berusting zijn, een passief gebeuren.

Er is echter verschil tussen zinvol verzet en verzet dat uiteindelijk zinloos is. Zinvol en noodzakelijk is  ons verzet tegen het kwaad, tegen alles wat de menswaardigheid aantast, tegen het onrecht en de uitbuiting van onze aarde. Aan dit verzet kunnen pijnlijke consequenties verbonden zijn.

Voor de Duitse theoloog Dietrich Bonhoeffer betekende dit verzet twee jaar lang gevangenschap en de dood. Zijn prachtige geloofsbrieven vanuit de gevangenis zijn gepubliceerd onder de titel Verzet en Overgave. Met behulp van zijn gebed, kan hij zijn verzet opgeven en zich toevertrouwen aan God.

In één van zijn laatste brieven schrijft hij: Ik geloof dat mij niets zinloos overkomt en dat het voor ons allen goed is, ook wanneer het tegen onze wensen in gaat. Ik zie in mijn tegenwoordige bestaan een opgave, en hoop slechts dat ik die volbreng. In geloof kan ik alles dragen – hoop ik – ook een veroordeling en de andere gevolgen die dreigen. Met mijn God spring ik over een muur.

Bonhoeffer noemde de Bijbel Gods liefdesbrief aan ons mensen. Op tal van manieren kunnen we daarin lezen dat God ons aanvaardt met zijn onvoorwaardelijke liefde. Maar het letterlijke woord aanvaarden komt in de Bijbel alleen voor in het 4e hoofdstuk van het boek Ruth.

Het woord aanvaarden is afgeleid van aan en vaart. Vaart drukt een beweging uit, het betekent scheep gaan, op reis gaan. Het woord aan drukt verbondenheid uit. Iets aangaan, meegaan in de beweging. Aanvaarden heeft oorspronkelijk een actieve betekenis: de tocht ergens heen beginnen, de reis aangaan, waarbij het oude wordt achter gelaten en een begin gemaakt wordt met iets nieuws.

Zo gaat het ook in dat prachtige verhaal over de levensweg van de twee vrouwen Naomi en Ruth gaan. Ze laten het oude achter zich en gaan samen op reis. Als de oude Naomi, na diep ingrijpende ervaringen van verlies en verdriet terugkeert naar haar land, zegt ze: noem mij niet langer Naomi, de liefelijke, maar Mara, de bittere. Toch vindt ze daar uiteindelijk de bestemming van haar leven omdat haar schoondochter Ruth, wiens naam betekent: zij die trouw is, niet van haar zijde wijkt.

Waar jij gaat, zal ik gaan, waar jij slaapt, zal ik slapen; uw volk is mijn volk en uw God is mijn God. Waar jij sterft, zal ook ik sterven, en daar zal ik begraven worden.

Krachtige woorden van Ruth aan het adres van Naomi. En dat tegen alle uitdrukkelijke verzoeken van Naomi in om toch vooral terug te keren naar haar eigen land en volk. Keer toch terug mijn dochters, tot tien keer klinkt dat. De ene schoondochter doet het, ze gaat terug naar haar land. Maar de andere weigert. Uw volk is mijn volk. Aangrijpender kan het niet. Wat een liefde, wat een aanvaarding spreekt er uit haar woorden.

Wat beweegt Ruth? Wat is het dat maakt dat mensen met elkaar optrekken en dat willen blijven doen? Waar hoor je thuis, wat is je oorsprong en wat is je bestemming? Ja, waar kiezen wij voor in het leven? Of is er nog iets anders? Worden wij ook gekozen om een bepaalde weg te gaan? Kiezen niet wij de weg, maar kiest de weg ons? Zoals Hammarskjöld zegt.

Zijn er verborgen tekens van Gods zegen, die wij uit de nacht tevoorschijn zingen? Ja hoe zit het met onze levensweg, wordt die soms niet volkomen overhoop gegooid en totaal anders dan wij hadden verwacht?

Ruth luisterde naar een innerlijke stem die zei dat ze bij haar schoonmoeder Naomi moest blijven en vooral bij de God die zij via deze familie had leren kennen. Ze voelde zich aanvaard, ze hoorde erbij: uw God is mijn God.

En daar begint het mee, dat we weten dat we aanvaard zijn door God, dat we zijn geliefde kinderen zijn en dat er niets is waardoor we uit zijn hand zullen vallen. En als zijn kinderen horen we bij elkaar, dan aanvaard je dat je een volk bent, een gemeenschap, verbonden met elkaar in en door je geloof.

Als Ruth ervoor kiest om erbij te horen is dat de redding voor Naomi, want bitter is ze geworden door al het verdriet dat ze mee heeft moet maken: haar man heeft ze verloren en haar twee zonen. Hoe doen mensen dat, hoe komen ze erdoor heen, hoe kunnen ze verder leven met zoveel verdriet? Het bittere verlies van je kind? Kun je dat uiteindelijk aanvaarden, of blijft de toekomst voor je gesloten?

De schrijfster en psychiater Anne Enquist, die zelf haar dochter verloor, beschrijft in haar roman de Thuiskomst indringend het rouwproces van Elizabeth, de vrouw van de ontdekkingsreiziger William Cook. Zij verloor, net als Naomi, haar man en haar kinderen. Als ze ook haar lieveling verliest, , haar muzikale zoon, raakt ze in een depressie.

Er is geen zonzijde meer, ze ligt alleen nog maar op bed in een donkere kamer. Het doorleven van deze toestand, daar kies je niet voor, dat overkomt je in een proces van diepe rouw. En wat kun je doen als buitenstaander?

Er zijn geen geruststellende woorden die je kunt zeggen aan iemand die gebroken is door het verleden en voor wie de toekomst vol dreigende onzekerheid is.

En dan komt er beweging in deze situatie, de vaart komt erin, want er wordt iets aangegaan. Elizabeth wordt uitgenodigd door de oude muziekleraar van haar zoon. Met hem kan ze haar verdriet delen en haar bevroren tranen laten ontdooien.

Ik wil u troosten, zegt hij, maar u kunt geen troost verdragen, denk ik.

U denkt misschien: Waarom is uw zoon niet hier, bij ons? Waarom is hem de tijd niet gegund om te genieten van zijn talent? Dat denk ik ook, met verbittering. Toch doet het er niet toe. Hij is er geweest, hij heeft bestaan. Dáár zouden wij aan moeten denken. Onze levens zijn door zijn aanwezigheid onnoemlijk verrijkt. Zo probeer ik te denken.

Dankbaar dat hij bestond, dat ik zijn vioolspel heb kunnen horen, zijn stem. Dat doet pijn. Maar de gedachte aan hoe hij werkelijk was is het enige van belang. Elizabeth bereikt uiteindelijk de laatste fase van het rouwproces de aanvaarding. Ze is niet gelukkig, maar ook niet langer zo neerslachtig of opstandig. Ondanks alles opent zich een nieuwe toekomst voor haar. Nu Ruth niet van haar zijde wijkt, durft ook Naomi het leven weer aan.

Als de twee vrouwen op weg gaan naar een nieuwe toekomst verandert gaandeweg het treurspel van hun leven in een blijspel. En hoe komt dat? Door de trouw van Naomi aan haar volk en aan haar God en door de trouw van Ruth aan Naomi. Maar er was meer dan dat, deze twee vrouwen hielden van elkaar.

Samen komen ze in beweging en doen ze wat er gedaan moet worden.

Nergens in het verhaal is er sprake van dat God direct ingrijpt, maar mede dankzij de dappere beslissingen van de vrouwen en krijgen Zijn zegeningen gestalte.

Op de één of andere manier speelt de Eeuwige een rol in de zoektocht van ons mensen. Je zou al onze relaties kunnen zien als ruimten waar Hij kan binnenkomen. Dat is niet iets wat wij even kunnen regelen, al proberen we dat nog zo hard. Het is een geschenk.

Net zo goed als het een geschenk is, een weldaad, wanneer we medemensen ontmoeten op onze levensweg, die ons aanvaarden zoals we zijn. Mensen die het goede in ons naar boven halen, die ons open tegemoet treden en niet oordelen.

Naomi, de oudere, de wijze, geeft Ruth goede raad: ga naar het land van Boaz, een bloedverwant van de kant van  mijn man, hij is een vermogend man. Boaz ziet onmiddellijk wat voor vrouw Ruth is.

Hij zegent niet alleen met de woorden: De Heer zij met u, maar hij zegent vooral met daden. In alles wat hij doet en zegt klinkt een doorlopende echo van wat God doet en zegt. Waarom handelt hij zo naar Ruth? Zo nodigend, zo royaal, zo alles gevend? Boaz zegt: Omdat je bent komen schuilen onder de vleugels van de Heer, de God van Israël.

En dan verschuift het toneel van het land naar de dorsplaats, waar Ruth in de nacht een schuilplaats zoekt bij Boaz. Het raakt Boaz diep, wat een vertrouwen, wat een levensdurf spreekt er uit het handelen van deze vrouw. Onbetaalbaar en ongelooflijk kostbaar is zij in zijn ogen.

Hij wil haar vertrouwen niet beschamen. Maar de zaak moet netjes afgehandeld worden. Boaz gaat naar de poort, waar recht gesproken wordt.  Want er is, nog een ander familielid van de man van Naomi, die met Ruth zou moeten trouwen. Deze weigert echter en dan aanvaardt Boaz zijn verantwoordelijkheid voor Ruth en voor Naomi. En zo gebeurt er wat er gebeuren moet. Er wordt een kind geboren Obed, die de grootvader zal zijn van koning David. Met de geboorte van dit kind gaat de geschiedenis verder, opent de toekomst zich. Nu pas wordt er van God gezegd dat hij actief handelt, hij schenkt nieuw leven. Tot vijf keer toe klinkt in het 4e hoofdstuk van het boek Ruth het woord aanvaarden.

Zoals Boaz Ruth heeft aanvaard en vrij gemaakt, zo aanvaard God ons met zijn onvoorwaardelijke liefde.  Aan de loop van het verhaal in het boek Ruth zie je, dat alle drie de hoofdpersonen Naomi, Ruth en Boaz  trouw zijn aan de God van Israël.  Van Hem verwachten ze hun heil.

Als je dat doet zegt Jezus, bouw je je huis op een rots. Wanneer alleen uiterlijke zekerheden je houvast zijn of je leeft van de goedkeuring van anderen of vanuit de illusie dat je een leven zult hebben zonder verdriet, heb je je huis  op zand gebouwd. Zo’n levenshuis zal  instorten wanneer de stormen van het leven erop beuken. Veel dingen waar  je je leven op hebt gebouwd, worden ons bij leed en verdriet ontnomen. Ze dragen je niet meer. Je tevredenheid, je geluk, je gezondheid, je succes, je gezin, allemaal heel belangrijk, maar ook heel kwetsbaar. Het kan ons ontnomen worden.

Dan heeft je levenshuis een diepere bodem nodig. Dat kan alleen Gods liefde zijn. Het aanvaarden van die liefde is een voortdurende oefening in een proces van zoeken en vinden, van vallen en opstaan. Want er kan oud zeer opgeslagen liggen in onze ziel, ervaringen waarin we ons niet aanvaard voelden, maar juist afgewezen.

We kunnen er niets aan doen dat oude pijn soms opgerakeld wordt. Daarin mogen we mild zijn voor onszelf, inzicht ontwikkelen in onze levenslijnen, oude patronen proberen te herkennen en aanvaarden dat het zo is, dat wij mensen zo in elkaar zitten. Dat dit aan en met ons gebeurt en dat wij soms ook de veroorzakers zijn van verdriet bij anderen.

In zijn lezing: De spirituele weg als weg naar genezing, zegt Anselm Grün: Ondanks mijn spirituele weg ben ik nog steeds overgevoelig voor kritiek, afwijzing, niet gezien worden. Als ik me daarmee verzoen, leidt mijn overgevoeligheid me steeds dieper mijn gewonde hart binnen dat verlangt naar liefde, onvoorwaardelijke aanvaarding. Dan krijg ik op de bodem van mijn gewonde hart een vermoeden van God als degene die zijn vaderlijke en moederlijke hand boven mij uitgestrekt houdt, die mij teder aanraakt en mij zegt: “Ik ben bij je. Je hoeft helemaal niet zo sterk te zijn als je graag zou willen. Je bent goed zoals je bent. Juist als deze mens ben je voor mij waardevol. Precies zo ben je mij lief.

Aanvaarding betekent de erkenning dat er een wond is of een litteken,

die voortaan deel van ons leven is en dat wij daarmee uiteindelijk op

een waardige wijze op weg kunnen gaan naar een nieuwe toekomst.

Erop vertrouwend dat de beproevingen in het leven niet bedoeld zijn

om je te breken, maar om je te vormen.

Er kan zelfs een moment komen in ons leven, dat we zeggen: het is goed dat dit in mijn leven gebeurd is, ik ben er dankbaar voor, het heeft mij tot een rijker mens gemaakt. Kunnen aanvaarden is uiteindelijk een genade, een geschenk dat je ontvangt. 

Heer, ik wil U toebehoren,

als ik al vroeg uw naam aanschouw

in druppelen van tere dauw,

die glinst’ren van ochtendgloren.

Als meeuwen in het hemelblauw

met zilveren wiekslag schrijven:

“Vertrouw je God. Hij is je trouw,

Hij zal altijd bij je blijven.”

Amen



Reacties

Reageren

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
By submitting this form, you accept the Mollom privacy policy.